Spelregels darts: zo werkt 501

Bij 501 begin je met 501 punten en tel je af naar precies nul. Je gooit om de beurt drie pijlen, trekt je score af van wat je nog over hebt, en je laatste pijl moet in een dubbel of in de bull. Wie dat als eerste lukt, wint de leg. Hieronder lees je hoe de puntentelling werkt, wat je moet weten over uitgooien en wanneer je beurt niet telt.

501

Startscore

aftellen naar precies 0

3 pijlen

Per beurt

maximaal 180 punten

Dubbel

Uitgooien

op een dubbel of de bull

Puntentelling darts: zo tel je de punten

Een dartbord is verdeeld in twintig vakken met de waarden 1 tot en met 20. De 20 staat bovenaan. Elk vak heeft twee smalle ringen: de buitenste ring telt dubbel, de binnenste ring telt drie keer. In het midden zit de bull, met daaromheen een groene ring.

Waar zit je pijl? Punten Voorbeeld
Single (het grote vak) de waarde van het vak 20 = 20
Dubbelring (buitenste ring) 2 × de waarde D20 = 40
Triple ring (binnenste ring) 3 × de waarde T20 = 60
Single bull (groene ring) 25 25
Bull (rode kern) 50, telt als dubbel 50

De meeste punten haal je dus niet in de bull, maar in de triple 20. Drie pijlen in T20 is 3 × 60 = 180, de hoogste score die je in één beurt kunt gooien.

De nummers staan niet voor niets door elkaar. Naast de 20 liggen de 1 en de 5. Mis je de 20 een klein stukje, dan kost dat je meteen veel punten. Alle officiële dartborden hebben precies dezelfde indeling.

Twijfel?

Een pijl telt op de plek waar de punt in het bord zit. Niet waar de barrel of de flight hangt. Laat je pijlen zitten tot de score is genoteerd, dan kun je het altijd nog even samen bekijken.

Zo werkt een leg 501, stap voor stap

  1. Bepaal wie begint. Allebei gooi je één pijl op de bull. Wie het dichtst bij het midden zit, begint de eerste leg.
  2. Gooi drie pijlen. Tel de punten van je drie pijlen bij elkaar op. Dat is je score voor die beurt.
  3. Trek af. Haal je score af van wat je nog over had en schrijf de nieuwe stand op.
  4. Om de beurt. Jij en je tegenstander wisselen elkaar af tot iemand op precies 0 eindigt.
  5. Gooi uit op een dubbel. De pijl waarmee je op 0 komt, moet in een dubbel of in de bull zitten.
  6. Volgende leg. In de volgende leg begint de ander. Zo wissel je steeds af.

Zo kan een leg er bijvoorbeeld uitzien:

Beurt Gegooid Score Over
Start 501
1 T20, T20, 20 140 361
2 20, T20, 1 81 280
3 T20, T20, T20 180 100
4 T20, D20 100 0, uitgegooid

In de laatste beurt zijn twee pijlen genoeg. Sta je op 0, dan is de leg voorbij en gooi je de derde pijl niet meer.

Uitgooien: eindigen op een dubbel

Dit is de regel die 501 lastig maakt. Je moet niet alleen precies op 0 uitkomen, je laatste pijl moet ook in de dubbelring zitten of in de bull. De bull telt als dubbel 25.

  • 40 over? Dan gooi je op dubbel 20.
  • 32 over? Dan gooi je op dubbel 16. Raak je per ongeluk de single 16, dan blijft er 16 over en gooi je op dubbel 8.
  • Oneven score over? Dan kun je nooit met één pijl uitgooien, want elke dubbel is een even getal. Gooi eerst een oneven single om een even score over te houden. Sta je op 41, dan gooi je bijvoorbeeld eerst 1 en daarna dubbel 20.
  • 50 over? Dan kun je uitgooien op de bull.

De hoogste score waarop je nog kunt uitgooien is 170: triple 20, triple 20 en de bull. Uitgooien is een vak apart, en daar schrijven we nog een aparte blog over.

Bust: wanneer telt je beurt niet?

Gooi je jezelf voorbij de 0, dan heet dat een bust. Je beurt stopt meteen, je score gaat terug naar wat je aan het begin van die beurt had en je tegenstander is aan de beurt. Dat gebeurt in drie situaties:

  1. Je gooit meer dan je nog over hebt. Je staat op 20 en gooit 25.
  2. Je komt op 0, maar niet met een dubbel. Je staat op 20 en gooit een single 20.
  3. Je houdt 1 over. Met 1 punt kun je nooit meer uitgooien, want de laagste dubbel is 2.

Voorbeeld

Je staat op 32. Je eerste pijl gaat in de 20, dan blijft 12 over. Je tweede pijl zit in de 11, dan blijft 1 over. Dat is bust: je derde pijl gooi je niet meer en je staat weer op 32.

De overige spelregels van darts

  • Maximaal drie pijlen per beurt. Gooi je eerder uit of bust, dan stopt je beurt eerder. Daarom zitten er in elke set dartpijlen drie stuks.
  • Achter de oche. Je gooit van achter de werplijn. Bij steeltip ligt die op 2,37 meter van de voorkant van het bord. Hoe je dat thuis goed neerzet, lees je in dartbord ophangen: hoogte en afstand.
  • Afketsen telt niet. Stuitert een pijl van het bord af of valt hij eruit voordat de score is genoteerd, dan telt hij niet. Je mag hem ook niet opnieuw gooien.
  • Elke pijl telt vanaf de start. Bij gewone 501 mag je meteen scoren, je hoeft niet op een dubbel te beginnen. Bij sommige varianten moet dat wel. Dat heet double in.
  • Wie begint, wisselt. Wie de eerste leg begint, begint ook alle oneven legs. De ander begint de even legs.

Legs en sets: hoe een wedstrijd is opgebouwd

Eén potje 501 heet een leg. Een wedstrijd bestaat uit een aantal legs, bijvoorbeeld best of 7: wie er als eerste vier wint, wint de wedstrijd.

Bij grotere toernooien worden legs gebundeld in sets. Een set is meestal best of 5 legs, dus wie als eerste drie legs wint, pakt de set. Op het WK darts van de PDC wordt in sets gespeeld. Bij veel andere toernooien tellen alleen de legs.

Scores bijhouden

Snel aftrekken onder druk is een vaardigheid op zich. Thuis of op de club houd je de stand het makkelijkst bij op een schrijfbord naast het bord: iedereen ziet wat er nog over is en je rekent vanzelf beter.

Wil je niet zelf rekenen? Een elektronisch dartbord telt voor je mee. Gooi je liever op een gewoon sisalbord, dan kun je kijken naar auto scoring: camera’s die zien waar je pijlen zitten en de score automatisch bijhouden. Alle opties op een rij vind je bij de scoreborden.

Getallen die elke darter kent

Getal Wat betekent het?
180 Hoogste score in één beurt: drie keer triple 20.
170 Hoogste finish: triple 20, triple 20, bull.
9 pijlen Minimum om een leg 501 uit te gooien, bijvoorbeeld 180, 180 en 141 (T20, T19, D12).
159, 162, 163, 165, 166, 168, 169 Onder de 170, maar toch niet uit te gooien in één beurt. Darters noemen dit bogey numbers.
163 Laagste score die je met drie pijlen helemaal niet kunt gooien.

Een 9-darter gooi je niet zomaar. Wil je gericht oefenen op je dubbels, kijk dan eens bij de training tools.

De regels van 501 in het kort

  •   Iedereen begint op 501
  •   Drie pijlen per beurt, om en om
  •   Je score gaat van je resterende punten af
  •   Eindigen op precies 0, met een dubbel of de bull
  •   Te veel, 1 over of 0 zonder dubbel is bust
  •   Wie begint, wisselt per leg

Veelgestelde vragen

Nee, niet bij gewone 501. Elke pijl telt vanaf de eerste beurt. Alleen bij de variant double in moet je eerst een dubbel raken voordat je punten gaan tellen.

Ja. De rode kern van 50 punten telt als dubbel 25, dus daar mag je op uitgooien. De groene ring eromheen, de single bull van 25, telt niet als dubbel.

Dan gooi je bust. Met 1 punt kun je niet meer uitgooien, want de laagste dubbel is 2. Je score gaat terug naar de stand van het begin van je beurt.

170: triple 20, triple 20 en de bull. Dat is 60 + 60 + 50 = 170.

Negen. Twee keer 180 is 360, en de laatste 141 gooi je bijvoorbeeld met triple 20, triple 19 en dubbel 12: 60 + 57 + 24 = 141. Dat heet een 9-darter.

Nee. Een pijl die van het bord afketst of eruit valt voordat de score is genoteerd, telt niet. Je mag hem ook niet opnieuw gooien.

Een leg is één potje 501. Een set is een groepje legs, meestal best of 5: wie er als eerste drie wint, wint de set.

Ja, 301. Die werkt precies hetzelfde, alleen begin je op 301. Handig als je met beginners speelt of weinig tijd hebt.

Ken je de regels? Dan is het tijd om te gooien. Meer uitleg over darten vind je op onze blog.

Selecteer een Afleverpunt